Recensies boeken

Mond vol vogels

28 november 2023

Mark Weenink

Verhalenbundel van Samanta Schweblin

Elk personage krijgt te maken met het onverwachte, zo lezen we op de omslag van de verhalenbundel Mond vol vogels van de Argentijnse schrijfster Samanta Schweblin (1978). Dat geldt ook voor de lezer. Want ook al gaat het over alledaagse situaties als scheiding, depressie, reizen, er is iets wat buiten de gewone orde valt.

‘Op weg naar de vrolijke beschaving’ vertelt het verhaal van Gruner. Ver in het binnenland wil hij een treinkaartje kopen naar de hoofdstad, maar dat lukt niet omdat hij geen kleingeld heeft. Gaandeweg blijkt dat hij niet de enige is die vast zit. Waarom stopt de trein nooit op het station? En wat heeft zijn gastheer daar mee te maken? Het verhaal doet Kafkaesk aan; de wereld tegen Gruner lijkt samen te spannen, opdat hij nooit weg komt. Zoals The Eagles in ‘Hotel California’ zingen, “you can check out any time you like, but you can never leave”. Het verhaal doet me ook denken aan ‘De wisselwachter’ uit de verhalenbundel Het wonderbaarlijke milligram van de Mexicaanse schrijver Juan José Arreola, waarover ik schreef “Een vreemdeling bereikt het station om een trein te halen, maar: wanneer komt de trein, rijdt de trein wel? Liggen er rails? […] Er ontstaan dorpen omdat ergens een trein stopt en alle passagiers daar uitstappen en blijven.”

Het titelverhaal ‘Mond vol vogels’ toont de wonderlijke fantasie van Schweblin, die ze trefzeker in fictie giet. Wat is er aan de hand? Tienermeisje Sara eet vogels, levend. Aan wie ligt het, vragen Silvia en Martin, haar gescheiden en vertwijfelde ouders zich af. Martin neemt Sara in huis. Ze zit roerloos thuis bij hem op de bank, samen maken ze er het beste van. Martin en Silvia weten niet goed hoe ze moeten omgaan met hun dochter. Toch accepteren de ouders Sara’s zonderlinge gedrag en gaan ze erin mee. is dat onvoorwaardelijke liefde? Als lezer voel je mee met het gezin.

Sociaal onhandig

Ongrijpbaarder zijn de verhalen ‘Onder de grond’ en ‘Olingiris’. In ‘Onder de grond’ vertelt een man aan een automobilist in een wegrestaurant een verhaal over een mijnwerkersdorp, waar kinderen op mysterieuze wijze in de grond verdwijnen. Ouders zoeken wanhopig, maar tevergeefs. Kun je een lievelingsvis uit een boek hebben? Ja, en die heet Olingiris. In dat verhaal ligt een blonde, slanke,  naakte vrouw op een behandeltafel. Zes vrouwen eromheen epileren haar benen, om onduidelijke redenen verzamelen ze de haartjes. De vrouw denkt terug aan haar jeugd, toen ze met haar moeder bij de rivier woonde en een boek over vissen had.

‘De zware koffer van Benavides’ is een luguber verhaal dat zo maar echt zou kunnen gebeuren. Benavides vermoordt na 27 jaar huwelijk zijn vrouw en doet haar lichaam in een koffer, waarmee hij naar zijn therapeut gaat voor hulp. Is het een droom, vraagt hij zich af? Nee, het is realiteit. In eerste instantie neemt de dokter hem niet serieus en geeft hem pillen. Maar als Benavides hem de inhoud van de koffer toont, volgt een onverwachte reactie met bizarre gevolgen, waarbij Schweblin speelt met de plek van kunst in een samenleving.

In ‘Hoofden tegen het asfalt’ onderzoekt Schweblin ook wat kunst is. De hoofdpersoon slaat mensen met het hoofd tegen de grond als hij boos wordt. Aangezien hij een begenadigd tekenaar is, tekent en schildert hij dat. De schilder past niet helemaal in deze wereld, is sociaal onhandig. Hij begrijpt de samenleving niet en de samenleving hem niet. “Ik begin te begrijpen waarom mijn mama altijd zei dat er een ernstig tekort aan liefde is in de wereld en dat het hoe dan ook geen goede tijden zijn voor zeer gevoelige mensen.” Toch liggen zijn schilderijen goed in de markt en Schweblin levert er weer een fascinerend verhaal mee af.

Spookdorp

Sommige verhalen zijn wat eenduidiger en minder bevreemdend, zoals ‘De Kerstman slaapt bij ons’, waarin een huwelijk op springen staat en een kind onbevangen vertelt over dat gezinsleven. Of de verhalen ‘Een hond doden’, waarin een man een soort maffiose test moet doen om zich te bewijzen, en ‘Mijn broer Walter’, waarin een familie het leven van hun depressieve broer, zwager of neef zo aangenaam mogelijk probeert te maken.

In ‘De razernij van de pest’ belanden we in het verre achterland van Argentinië, waar ambtenaar Gismondi wordt gedropt om een volkstelling te verrichten in een soort spookdorp. De bevolking is apathisch en het verhaal eindigt mysterieus: “Toen voelde hij, diep in zijn maag, de vlijmscherpe wond. Hij viel op zijn knieën. Hij had de suiker verstrooid en de herinnering aan de honger trok door het dal met de razernij van de pest.”

In ‘Wanhopige vrouwen’ verkent Schweblin man-vrouwverhoudingen en vooral de ongelijkheid daarin. We leven mee met Felicidad, die op haar trouwdag door haar kersverse echtgenoot aan de kant van de weg wordt achtergelaten. De rijst zit nog op haar bruidsjurk. Een onbestemd gevoel bekruipt Felicidad en de lezer. Ze blijkt een van de vele in de steek gelaten vrouwen. Nené,  een oudere vrouw, zegt: “Ze komen niet terug”. Des te wranger dat de hoofdpersoon ondanks haar naam geen geluk heeft.

Figuurlijke abortus

In ‘Conserven’ speelt een zwangere vrouw de hoofdrol. Haar ongeboren kind heeft al een naam, Teresita. Het verhaal is een soort gedachte-experiment, waarbij de schrijfster een zwangerschap ‘omdraait’. Komt de baby gelegen? Kennelijk niet, het stel wil nog zoveel doen en gaat daarom naar dokter Weisman. De vrouw moet op doktersadvies een drankje drinken, zo zal de baby verdwijnen. Een ‘figuurlijke abortus’? “We gaan voor de spiegel staan en schieten in de lach. Het is precies het tegenovergestelde van wat je voelt als je op reis gaat. Het is niet de vreugde van het weggaan, maar van het blijven. Het is alsof je het beste jaar van je leven met een jaar mag verlengen, onder dezelfde omstandigheden. Het is de kans om door te gaan.”

‘De graver’ is een wat absurdistisch verhaal. De naamloze hoofdpersoon huurt een oud huis aan de kust, waarbij een opzichter hoort die bij het huis werkt en om onduidelijke redenen een kuil graaft. Wat ontstaat is een sociaal ongemakkelijke situatie, de hoofdpersoon weet niet wat hij aan moet met de graver en de lezer ook niet. Het is een vreemde situatie, waarbij ze langs elkaar heen praten.

Miscommunicatie

‘Irman’ lijkt een alledaags tafereel, maar met een vreemde twist. Twee mannen in een auto stoppen bij een naar wat blijkt zonderling wegrestaurant. De kelner van dienst is klein van stuk. Hij vraagt hulp aan de mannen, want zijn vrouw ligt op de grond. Ze blijkt dood te zijn?! Er ontstaat frictie, er is miscommunicatie. Het lijkt wel of ze een andere taal spreken, of ze uit een andere wereld komen. “De man staarde hem aan alsof God zelf voor hem was verschenen om hem te vertellen wat de reden was van ons bestaan op aarde.” Hoe moet dit aflopen?

Ook al zijn de verhalen niet steeds even eenduidig, Schweblins personages intrigeren altijd. Met weinig woorden tuigt ze een decor op dat de lezer verder zelf inkleurt.

Samanta Schweblin, Mond vol vogels, Meridiaan Uitgevers, Amsterdam, 2023, ISBN 9789493169234, 244 pag., €21,99, vertaling: Elvira Veenings

Mond vol vogels, bekroond met de Premio Casa de las Américas en in Frankrijk met Le Prix du Meilleur Livre Étranger, is in Nederland eerder verschenen in 2011. Ten opzichte van de eerste editie staan er nu 4 verhalen bij die eerder nog niet vertaald waren naar het Nederlands, afkomstig uit de bundel El núcleo del disturbio.

Lees ook onze recensie van De steenbakkers van El Chaco

 Dit artikel is onderdeel van de Argentinië Special, oktober-november 2023

Gerelateerde berichten

In augustus zien we elkaar

In augustus zien we elkaar

Er is de laatste maanden nogal wat gesproken en geschreven over In augustus zien we elkaar, het postume werk van Gabriel García Márquez (1927-2014) of ‘Gabo’, zoals de Colombianen hem het liefst noemen. En dan gaat het maar zelden over de inhoud van deze novelle, maar vooral over het besluit om de ongepubliceerde tekst uiteindelijk toch als een sfinx uit de as te laten verrijzen.

Lees meer
De wilde vaart. Op zoek naar de veerkracht van Suriname

De wilde vaart. Op zoek naar de veerkracht van Suriname

Het plantageproject waar je spaargeld in zit gaat failliet, de boot waarmee je toeristentrips uitvoert zinkt. Wat doe je dan? Van de nood een deugd maken, dat is de aanpak van de Surinaams-Nederlandse Tessa Leuwsha (1967) en haar Surinaamse partner Sirano Zalman. Samen varen ze het binnenland in met een oude garnalenboot, het avontuur tegemoet. Hun ervaringen tekent Leuwsha op in De wilde vaart. Op zoek naar de veerkracht van Suriname.

Lees meer
Jaguar

Jaguar

In zijn debuutroman Jaguar vertelt de Colombiaanse schrijver Santiago Wills de bloedige recente geschiedenis van zijn land aan de hand van het levensverhaal van de paramilitaire commandant Martín Pardo en zijn half tamme jaguar Ronco.

Lees meer
agsdix-null

Politiek & Maatschappij

agsdix-null

Kunst & Cultuur

agsdix-null

Vrije tijd & Toerisme

agsdix-null

Economie & Ondernemen

agsdix-null

Milieu en Natuur

agsdix-null

Onderzoek & Wetenschap

Blijf op de hoogte

Adverteren op onze website?

Dat kan! Tegen een scherp tarief plaatsen wij uw advertentie.

Ontvang onze nieuwsbrief

Schrijf u in en ontvang onze digitale nieuwsbrief met een overzicht van onze nieuwe artikelen.

Volg ons op social media

Wees als eerste op de hoogte van nieuwe artikelen en deel artikelen met uw netwerk.

Share This