Politiek & Maatschappij

Kansen op verandering in Chili

20 oktober 2020

Jan de Kievid

Plebisciet over grondwet in tijden van corona

Na een in oktober 2019 begonnen volksopstand beslissen de Chilenen op 25 oktober of ze de van dictatuur geërfde grondwet door een nieuwe willen vervangen. Ze gaan stemmen tijdens een diepe sanitaire, economische en politieke crisis. Voorstanders van een nieuwe grondwet zullen nu vrijwel zeker winnen. De volgende verkiezingsslag op 11 april 2021 over wie die grondwet gaan ontwerpen, wordt echter veel spannender.

‘Apruebo’ (Ik keur goed) zie overal in Chili op de muren gekalkt, soms met reuzenletters. Dus ‘Ja’ op de vraag of je wel of geen nieuwe grondwet wilt. Dat Chilenen zich daarover op 25 oktober in een plebisciet kunnen uitspreken, is een voorlopig resultaat van de massale protesten sinds oktober 2019. Deze ‘sociale uitbarsting’ was een grote verrassing in een land dat na het einde van de dictatuur van generaal Pinochet in 1990 vaak als economisch en democratisch succesvol en stabiel gold. Dit modelland kende echter grote ongelijkheid en een diep wantrouwen in de politieke instituties, vooral parlement en partijen. De rechtse president Sebastián Piñera was zijn gezag kwijtgeraakt. De protesten kenden nauwelijks organisatie of leiders, maar vooral jongeren, vrouwen en oorspronkelijke bewoners (Mapuche) lieten van zich horen. De meeste Chilenen bleven de protesten steunen.

De weg naar het plebisciet, aanvankelijk gepland op 26 april 2000, verliep in chaotische omstandigheden. Als reactie op de protesten schond de politie (Carabineros) mensenrechten op een schaal die sinds de dictatuur niet meer was voorgekomen. En vanaf maart was Chili in de greep van de coronacrisis en de bijbehorende economische problemen.

Strenge lockdown

Na de Chileense zomervakantie, vlak voor het plebisciet, zouden in maart 2020 de acties weer beginnen. Aan de muurschilderingen en graffiti te zien, was het land er klaar voor. Op 8 maart vormde de vrouwendagmanifestatie met meer dan een miljoen deelnemers het startsein. Gelukkig verspreidde corona zich daar nog niet, maar even later was het raak. Op 18 maart gingen de scholen dicht. Grote delen van het land, waaronder hoofdstad Santiago, verkeerden maanden in strenge lockdown. Bewoners mochten een keer per week met een speciale vergunning naar de supermarkt. Maar vaak moesten bewoners van arme wijken die niet thuis konden werken in volle metro’s naar hun werk.

Voor grote protesten en manifestaties was geen ruimte meer. Regering en parlement besloten het plebisciet een half jaar uit te stellen tot 25 oktober, in de hoop dat de coronacrisis dan voorbij zou zijn. Maar dat is niet het geval. Lockdowns zijn wel stapsgewijs en per regio/wijk verlicht, maar vrijwel alle scholen zijn nog gesloten, en dat zal vaak zeker tot maart 2021 zo blijven. In juni stierven zo’n tweehonderd coronapatiënten per dag. Nu zijn er dagelijks ongeveer zestig doden en 1500 nieuwe besmettingen, en dat neemt nog nauwelijks af. Er zijn ruim 13.000 officieel bevestigde coronadoden, maar het werkelijke getal wordt geschat op meer dan 18.000. Twee derde kwam uit Groot-Santiago waar ruim een derde van de bevolking woont.

Nog meer ongelijkheid

Op de wereldlandenlijst staat Chili bij de landen met verhoudingsgewijs de meeste ‘erkende’ coronadoden. Terwijl Peru tweede staat, bezetten Bolivia, Brazilië, Ecuador en Chili met alle vier ongeveer 72 coronadoden per 100.000 inwoners de vijfde tot achtste plaats. Er was en is uiteraard veel kritiek op het Chileense coronabeleid. De minister van Volksgezondheid moest in juni aftreden wegens het melden van onjuiste (te lage) cijfers van slachtoffers. Volgens de democratie-watchers van de organisatie Freedom House hoort Chili echter niet tot tachtig landen waar onder het mom van coronabestrijding democratische vrijheden en rechten zijn beperkt of uitgehold.

De coronacrisis hakte er ook economisch in. Begin oktober verwachtte het IMF (Internationaal Monetair Fonds) voor Latijns Amerika over 2020 een daling van het BNP van acht procent. In Chili was dat iets lager, zes procent, de grootste teruggang sinds 1982. Overal in Latijns Amerika zijn armoede en inkomensongelijkheid toegenomen. Volgens een rapport van Oxfam nam het vermogen van de rijkste Chilenen in slechts vier maanden met niet minder dan 25 procent toe. De langdurige schoolsluiting maakte de onderwijskansen nog ongelijker dan ze al waren. Dus juist nu Chilenen protesteren tegen ongelijkheid, is die ongelijkheid verder toegenomen.

Spook uit het verleden

De regering geeft steun aan bedrijven en mensen in moeilijkheden, maar dat is verre van voldoende. Veel mensen werken in de informele sector of met tijdelijke contracten. Zij en migranten zijn het zwaarst getroffen, want ze hebben minder kans op thuiswerken via de computer of op overheidssteun. De politieke oppositie stelde voor dat mensen tien procent voor hun voor pensioenfonds AFP gespaarde geld konden opnemen. De regering was mordicus tegen deze aderlating van het voor de AFP-eigenaren lucratieve bedrijf. Nu geld opnemen zou onverstandig zijn, want het zal leiden tot lagere pensioenen later. Vaak is echter het alternatief je nu in de schulden – met rente – steken om te kunnen eten. Toen bleek dat 92 procent van de Chilenen het voorstel steunde, stemde ook een aantal parlementariërs van rechtse regeringspartijen voor, waardoor het in juli werd aangenomen. Binnen een maand namen acht miljoen Chilenen, 85 procent van de bij AFP aangeslotenen, gemiddeld een bedrag van drie maanden minimumloon op.

In veel buurten hebben bewoners, net als tijdens de dictatuur, gemeenschappelijke gaarkeukens opgezet. “Slechts een paar weken van opsluiting en drastische sanitaire maatregelen zonder voldoende inkomensbescherming waren genoeg om een spook uit het verleden te laten verschijnen, waarvan we dachten dat we het nooit terug zouden zien”, schreef Clarisa Hardy, die tijdens de dictatuur overlevingsorganisaties in volkswijken onderzocht en later minister was onder socialistische president Michelle Bachelet.

Straffeloosheid

Vooral in de maanden voor de coronacrisis werden bij het optreden van vooral de politie (Carabineros) tegen vreedzame demonstranten en gewelddadige acties massaal mensenrechten geschonden. Volgens de regering waren er in deze vijf maanden ruim 2900 ernstige incidenten, zoals plunderingen en confrontaties van demonstranten met Carabineros. Er vielen enkele tientallen doden en – onder demonstranten en politie – enkele duizenden gewonden. De politie arresteerde ruim 25.000 mensen, verreweg het hoogste aantal sinds 1986, tijdens de dictatuur.

Met de herleving van de protesten in september namen ook de klachten over het politieoptreden weer toe. Het onafhankelijke, maar wel door de staat gefinancierde Nationaal Instituut voor Mensenrechten (INDH) diende over elf maanden 2499 klachten over mensenrechtenschendingen in bij de rechter, waarvan 169 over ernstig oogletsel. Tot ergernis van INDH-directeur Sergio Micco zijn slechts 28 van die zaken afgehandeld en pas zestien politiefunctionarissen ontslagen: “Het is hard nodig dat de staat prioriteit geeft aan het onderzoeken van de mensenrechtenzaken”. Begin oktober 2020, vlak voor het plebisciet, publiceerde Amnesty International een uiterst kritisch rapport over de Chileense politie. Het buitensporige geweld was geen toeval, maar vond plaats in opdracht van de hoogste commandanten. De steun voor de politie door de regering maakte het mogelijk dat bij mensenrechtenschendingen betrokken agenten “op hun post bleven” en “moedigden, dankzij de heersende straffeloosheid, het opnieuw plegen van schendingen aan.” Andere organisaties en onderzoekers, in Chili en daarbuiten, kwamen tot soortgelijke conclusies.

Veelkoppige crisis

Na de sociale uitbarsting van oktober 2019 zakte het toch al lage vertrouwen in de instituties tot een historisch dieptepunt. President Piñera kreeg de laagste waardering van een president sinds 1990. Dat verbeterde toen in maart de coronacrisis losbarstte en de regering een aantal noodzakelijke maatregelen nam. Piñera verspeelde weer veel krediet met zijn verzet tegen het opnemen van geld uit de pensioenfondsen. Dat was een initiatief van de oppositie in het in diskrediet geraakte parlement, dat daardoor weer iets in aanzien steeg.

Het plebisciet van 25 oktober vindt dus plaats tijdens een veelkoppige crisis: op het gebied van gezondheid, economisch, politiek en mensenrechten. De extreemrechtse regeringspartij UDI greep corona, economie en geweld bij protesten aan om opnieuw uitstel te bepleiten. De UDI, de politieke erfgenaam van Pinochet, hoopte daarmee ook op afstel. Daarmee zou afschaffing van de – na 1990 wat gewijzigde – door Pinochet in een frauduleus plebisciet in 1980 opgelegde grondwet voorkomen kunnen worden. In die grondwet zijn de grondbeginselen van het neoliberale beleid vastgelegd en wordt aan de staat op sociaaleconomisch gebied alleen een aanvullende taak toegekend. De prioriteit van de markt en particulier eigendom maakt het vrijwel onmogelijk om water als publiek goed te beheren of een actief klimaatbeleid te voeren. Ook zijn de gelijke rechten van alle burgers onvoldoende gegarandeerd. Juist daarom willen demonstranten, sociale organisaties en centrumlinkse partijen een nieuwe grondwet.

Eigen potlood meenemen

De UDI vond geen medestanders voor afstel. Er zijn wel extra coronamaatregelen genomen. Volgens de Kiesraad is daardoor “stemmen niet gevaarlijker dan naar de supermarkt gaan”. Natuurlijk gelden afstand houden en mondkapjes en om drukte te verminderen zijn er een kwart meer stembureaus dan gebruikelijk en zijn ze ook langer open. Van twee tot vijf uur hebben ouderen en andere kwetsbaren voorrang. Wie bang is met een besmet potlood te stemmen, mag z’n eigen potlood meenemen. Het parlement en de Kiesraad hebben nadrukkelijk gevraagd met corona besmette mensen kans te geven te stemmen. Chili kent geen systeem van volmachten, en de regering hield vol dat coronapatiënten niet mogen stemmen.

De kiezers moeten op 25 oktober twee vragen beantwoorden. Als eerste: “Wilt u een nieuwe grondwet? Er is keuze uit ‘Apruebo’ (Ik keur dat goed, dus ja) en ‘Rechazo’ (Ik keur dat af, dus nee). Ongeacht het antwoord hierop, volgt een tweede vraag over wat er moet gebeuren als Apruebo wint: “Welk soort orgaan moet de nieuwe grondwet ontwerpen?” Weer twee mogelijkheden: “Een gemengde Conventie, samengesteld uit twee gelijke delen van door de bevolking gekozen leden en huidige parlementsleden” of “Een Grondwetgevende Conventie, uitsluitend bestaand uit door de bevolking gekozen leden.”

Satan

Partijen van links en centrum (allemaal in de oppositie) en veel sociale organisaties voeren campagne voor Apruebo. Bij de regeringspartijen is de eenheid ver te zoeken. De UDI staat pal op de bres voor Rechazo, maar RN is verdeeld en neemt geen officieel standpunt in. Een deel van de RN-parlementariërs en ministers steunt openlijk Rechazo en een deel Apruebo. Tot ergernis van de UDI spreekt president Piñera (van RN) zich niet openbaar uit over Apruebo of Rechazo. Hij oordeelt wel over de tweede vraag en ziet liever een ‘Gemengde Conventie’ (met voor de helft zittende parlementsleden) dan een ‘Grondwetgevende Conventie’. Ook heeft hij aangegeven welke punten hij belangrijk vindt voor een nieuwe grondwet. Volgens een oppositieleider “lijken die te veel op de huidige grondwet… het staatshoofd durft het niet te zeggen, maar dat bevestigt dat hij voor Rechazo is.”

De door schandalen in diskrediet geraakte katholieke kerk neemt geen standpunt in, maar roept wel op om te gaan stemmen. Dat ligt anders bij veel evangelische kerken, waartoe zo’n twintig procent van de Chilenen behoren. Organisaties van die kerken voeren vooral campagne voor Rechazo. Volgens hen zat Satan achter de sociale uitbarsting en bedreigt een nieuwe grondwet de vrijheid van godsdienst. Andere evangelicos vinden dat iedereen naar eigen geweten moet stemmen en “zich niet bang moet laten maken door terreurcampagnes die het einde van de vrijheid van godsdienst en andere soortgelijke rampen verkondigen”.

Talrijke opiniepeilingen

Over 25 oktober ontlopen de talrijke opiniepeilingen elkaar weinig. Zo’n tachtig procent van de kiesgerechtigden zegt te gaan stemmen. Dat betekent vaak zestig procent echte opkomst, meer dan de lage vijftig procent bij de presidents- en parlementsverkiezingen eind 2017. De voorspelling van de uitslag is al sinds november vrij stabiel: Apruebo wint met rond zeventig procent en Rechazo haalt maar ongeveer achttien procent, terwijl zo’n twaalf procent het nog niet weet. Er is ook een duidelijke, maar minder grote voorkeur van ongeveer 55 procent voor een geheel nieuw te kiezen Grondwetgevende Conventie tegenover 28 procent voor een Gemengde Conventie.

Van zichzelf links noemende kiezers is ruim negentig procent voor Apruebo, van die van het centrum ruim twee derde en van de rechtse ruim een derde. Ongeveer dezelfde verhoudingen gelden voor de voorkeur voor een Grondwetgevende Conventie boven een Gemengde. Opvallend is dat een aanzienlijk deel van de rechtse kiezers een nieuwe grondwet wil, terwijl ze eind 2017 massaal voor de rechtse Piñera als president kozen. Jongeren voelen gemiddeld meer voor Apruebo en een Grondwetgevende Conventie dan ouderen, maar lang niet zo sterk als linkse kiezers.

65 procent van de Chilenen – 87 van Apruebo tegenover 4 procent van Rechazo – verwacht positieve veranderingen voor het land van een nieuwe grondwet. Die positieve kijk geldt voor jongste kiezers meer dan voor de oudste, en voor de armere Chilenen meer dan voor de rijke, al zijn die verschillen niet erg groot. Aanhangers van Apruebo en Rechazo denken zeer verschillend over de samenstelling van een Grondwetgevende Conventie. Zo’n tachtig procent van de Apruebos wil daarin even veel vrouwen als mannen en gereserveerde zetels voor de oorspronkelijke ‘indiaanse’ bevolking. Bij de Rechazo ligt dat rond de 35 procent.

Pas begin

Apruebo zal op 25 oktober vrijwel zeker winnen, maar het worden roerige dagen. Er zijn steeds meer protesten met hard politieoptreden. De Rechazo-campagne heeft baat bij geweld om angst te zaaien en te verkondigen dat een nieuwe grondwet het land naar de afgrond zal voeren.

Hoewel 25 oktober soms al bij voorbaat een ‘historische dag’ wordt genoemd, is het pas een begin. Ook bij een grote Apruebo-overwinning kan de impopulaire president Piñera zijn termijn tot maart 2022 uitzitten. Het wordt echt spannend op 11 april 2021. Na een Apruebo-overwinning wordt een Grondwetgevende Vergadering gekozen. Bij een meerderheid op 25 oktober voor zo’n Grondwetgevende Vergadering daarvoor gaat het om 155 leden, als een Gemengde Conventie wint 86. Daarna maken die 155 of een Gemengde Conventie van 86 nieuw gekozenen en 86 zittende parlementariërs een nieuwe grondwet. Ze krijgen daarvoor negen maanden met maximaal drie maanden verlenging. De nieuwe grondwet wordt in een plebisciet aan de bevolking voorgelegd. Zo kan een nieuwe grondwet ongeveer half 2022 van kracht worden. Pas daarna kan die grondwet effect hebben op sociaaleconomisch gebied en op het gebied van het tegengaan van ongelijkheden.

Pyrrusoverwinning

De Rechazo-campagne heeft zich – zonder dat hardop te zeggen – al neergelegd bij het verlies op 25 oktober. Daarom moeten ze op 11 april zoveel mogelijk tegenstanders van een nieuwe grondwet gekozen zien te krijgen, waardoor die nieuwe grondwet weinig zal verschillen van de huidige. Hiervoor zetten deze bewakers van de grondwet van Pinochet veel geld, sociale media en angst voor geweld of het schrikbeeld van Chili als een nieuw Venezuela in. Voorstanders van een echt nieuwe grondwet wacht een harde strijd. Daarbij zullen partijen van centrum en links beter moeten samenwerken en partijen en sociale bewegingen elkaar niet verketteren maar ondersteunen. Aan beide punten heeft het afgelopen jaren vaak gemankeerd. Als dat niet verbetert, kan een succes op 25 oktober een pyrrusoverwinning blijken, en is deze unieke kans om Chili een rechtvaardiger land te maken verkeken.

Gerelateerde berichten

Overleeft Bolsonaro de pandemie? Roep om aftreden president neemt almaar toe

Overleeft Bolsonaro de pandemie? Roep om aftreden president neemt almaar toe

Brazilië verkeert andermaal in woelige tijden. President Jair Bolsonaro komt steeds meer onder druk te staan vanwege zijn aanpak van de coronacrisis, geen aanpak volgens zijn tegenstanders. De verzoeken voor een impeachment stapelen zich op, maar massaprotesten blijven vooralsnog uit. Intussen draaien middenstand en horeca gewoon door, de economie heeft prioriteit. 

Lees meer
Regeringspartij van El Salvador stevent af op grote overwinning in het parlement

Regeringspartij van El Salvador stevent af op grote overwinning in het parlement

Afgelopen zondag kozen Salvadoranen leden voor het parlement van hun land. De voorspellingen in meerdere peilingen lijken te zijn uitgekomen: volgens de voorlopige resultaten halen de regeringspartij van El Salvador en haar bondgenoot een twee derde meerderheid in het parlement. Met 80% van de stemmen geteld, hebben de regeringspartij Nuevas Ideas (nieuwe ideeën) en haar coalitiepartner Gana 56 van de 84 zetels behaald.

Lees meer
agsdi-globe

Politiek & Maatschappij

agsdi-portrait

Kunst & Cultuur

agsdi-camera

Vrije tijd & Toerisme

agsdi-income

Economie & Ondernemen

agsdi-leaves

Milieu en Natuur

agsdi-learn

Onderzoek & Wetenschap

Blijf op de hoogte

Adverteren op onze website?

Dat kan! Tegen een scherp tarief plaatsen wij uw advertentie.

Ontvang onze nieuwsbrief

Schrijf u in en ontvang onze digitale nieuwsbrief met een overzicht van onze nieuwe artikelen.

Volg ons op social media

Wees als eerste op de hoogte van nieuwe artikelen en deel artikelen met uw netwerk.

Share This