Onderzoek & Wetenschap

Overheid en criminele wijkleiders op elkaar aangewezen-Interview met Rivke Jaffe over Jamaica als hybride staat

18 december 2022

Jan de Kievid

Jamaica kent een vervlechting van politici en staat met dons: criminele leiders van arme wijken. Die bieden bewoners enige bescherming en voorzieningen wanneer ze aan hen en hun partij loyaal zijn. Stadswetenschapper Rivke Jaffe spreekt, op basis van uitgebreid onderzoek, van een hybride staat. Zij probeert te begrijpen waarom veel bewoners, ondanks het geweld dat met deze vorm van bestuur gepaard gaat, de dons als legitieme leiders zien. Sinds 2010 wordt met lokale noodtoestanden met veel politie en militairen geprobeerd de macht van de dons te breken, volgens Jaffe niet de meest effectieve aanpak.

Jamaica scoort goed op democratieranglijstjes: voor Latijns-Amerika en de Cariben staat het op de vijfde plaats. Sinds de onafhankelijkheid in 1962 is er nooit een dictatuur of poging tot staatgreep geweest. Toch valt de politieke werkelijkheid niet makkelijk te vatten in termen als democratie en dictatuur. Gekozen politici zijn in arme wijken bondgenoten van gewelddadige criminele wijkleiders, dons, die bewoners voorzieningen en veiligheid bieden waarin de overheid onvoldoende voorziet. De bewoners hechten aan democratische rechten en vrijheden, maar aanvaarden ook de heerschappij van de don als legitiem. Rivke Jaffe, sinds 2016 hoogleraar stedelijke geografie aan de Universiteit van Amsterdam, heeft deze ingewikkelde processen ter plaatse onderzocht.

Trench Town

Collectief cliëntelisme

Hoe is die vervlochtenheid van staat en dons ontstaan? Jaffe legt uit: “In de laatste decennia voor de onafhankelijkheid, toen Jamaica al enig zelfbestuur en democratie kende, ontstonden de twee belangrijkste politieke partijen: de PNP (People ’s National Party) en de JLP (Jamaica Labour Party). Ze bestreden elkaar binnen een Brits kiesstelsel, waarbij per district een parlementslid wordt gekozen. Dat maakte politiek ook een strijd over territoria. In de armere kiesdistricten van hoofdstad Kingston had dit soms gewelddadige trekjes met gevechten met stokken en stenen. In de Koude Oorlog kreeg de rivaliteit ook een geopolitiek karakter, omdat de JLP gelieerd was aan het Westen en de Verenigde Staten en de PNP meer aan de Sovjet-Unie en Cuba. Daarbij zouden de partijen ook wapens hebben gekregen van de CIA en de KGB.”

“De winnaar van de verkiezingen bediende zijn achterban; het parlementslid, de MP (member of parliament), zorgde voor baantjes of woningen in zijn wijk. Het gezegde luidde: People don’t eat when their party doesn’t win. In veel landen heeft zulk cliëntelisme een individueel karakter, maar hier is sprake van collectief cliëntelisme met een hele wijk. Politiek niet-loyale bewoners kregen geen baantje of woning en werden vaak gewelddadig uit de wijk verbannen. Zo kwamen er electoraal homogene wijken die als forten, garrisons, werden verdedigd tegen aanhangers van andere partijen. Vandaar de benaming garrison politics. De relatie tussen de politicus en de wijk werd bemiddeld door lokale strong men, die woningen toewezen aan loyale bewoners en tegenstanders uit de wijk verdreven. In de economische boom van de jaren zestig nam hun invloed toe; omdat er meer te verdelen was, werd het nog belangrijker dat mensen op de ‘goede’ partij zouden stemmen. Sommige van die mannen ontwikkelden zich door de jaren heen tot wijkleiders: dons. Die dons werden door politici beloond voor hun inzet bij de verkiezingen. Via de staat of de partij kregen ze geld en wapens.”

Drugshandel en neoliberalisme

“De macht van de dons nam een verdere vlucht toen ze in de jaren tachtig in de drugshandel gingen. Met hun wapens en inkomsten uit de drugshandel konden ze hun wijken controleren én voorzieningen voor de bewoners financieren en die daarmee voor zich innemen. Tegelijkertijd zorgden de internationale schuldencrisis en door het IMF opgelegde neoliberale maatregelen ervoor dat de regering – en dus de politici – minder konden uitgeven. Politici hadden wijkbewoners en de dons na verkiezingen minder te bieden, terwijl het drugsgeld de dons minder afhankelijk maakte van politici. Ook bedienden dons zich van afpersing van ondernemers onder de noemer van ‘belasting’ die ze voor een deel gebruikten voor wijkvoorzieningen. Ze ontwikkelden een eigen informele vorm van rechtspraak om mensen te straffen of conflicten te beslechten, en organiseerden feestelijkheden waarbij ze schoolspullen of kerstcadeaus aan bewoners uitdeelden. Soms legden ze groenvoorzieningen aan of zorgden dat de straten schoongeveegd werden. Vooral door zulke voorzieningen ervaren veel wijkbewoners, die zich door de staat in de steek gelaten voelen, de heerschappij van de dons als legitiem.”

Aanvankelijk meende Jaffe dat dons politici vervingen en van hun wijk een soort parallelle staat maakten. Maar zo eenduidig was het niet. Nu gebruikt ze vooral begrippen als hybride staat, meervoudige soevereiniteit, legitimiteit en juridisch pluralisme, maar nauwelijks democratie en dictatuur. “Ik probeer vooral te begrijpen hoe macht werkt. Welk soort macht wordt door welke mensen als legitiem ervaren? De kwestie van democratie versus dictatuur speelt in Jamaica nauwelijks. Anders dan in veel Latijns-Amerikaanse landen is er na het kolonialisme nooit een dictatoriaal regime geweest. Sinds 1962 zijn de verkiezingsuitslagen altijd gerespecteerd en militairen hebben nooit geprobeerd een staatsgreep te plegen.”

Balanceeract

“Ik kijk vooral naar de vervlochtenheid van de staat en andere bestuurssystemen zoals van de dons, waarbij vormen van autocratie en democratie door elkaar lopen. Als reactie op het begrip parallelle staat spreek ik nu van hybride staat. Dons en overheid zijn op elkaar aangewezen. Omdat dons betrokken zijn bij illegale drugshandel en geweld hebben ze bescherming van politici nodig om niet in de gevangenis te komen. Anderzijds werken overheidsdiensten in een arme wijk vrijwel altijd via de don. Ook de politie, die door veel bewoners als corrupt en gewelddadig wordt gezien, werkt vaak samen met dons. Hetzelfde geldt voor ngo’s en armoedebestrijdingsdiensten van de overheid. Er wordt pragmatisch samengewerkt met het argument dat dat in ieders belang is: van de don, de overheid en de wijkbewoners. Er is integratie gekomen in het bestuur – dat is hybride geworden – en ook in de beleving van bewoners van achterstandswijken. Ze zien wel dat de staat en de don niet hetzelfde zijn, maar zien het bewind van de don en een democratisch politiek systeem niet per se als onverenigbaar.”
Daarbij wordt crimineel geweld de ene keer getolereerd en een andere keer aangepakt. De dons hebben in Jamaica niet de macht over de politici, maar ook niet omgekeerd. “Dons – en ook politici – voeren een soort balanceeract uit tussen legaal en illegaal bezig zijn, tussen autocratie en democratie. Afhankelijk van de situatie onderhandelen ze, bestrijden ze of steunen ze elkaar. In hoeverre ze elkaar nodig hebben, varieert sterk per wijk. De bekende wijk Tivoli Gardens en de wijk waar ik onderzoek heb gedaan, hadden machtige dons, maar in andere wijken hebben ze veel minder invloed op politici.”

West Kingston

Bloeddorstig

Jaffe besteedt ook aandacht aan de beeldvorming over de situatie in de wijken. Veel onderzoekers noemen de rechtspraak van de dons ‘junglerechtspraak’ en dergelijke wijken ‘countersociety’. Ze benadrukken het geweld, schilderen wijkbewoners af als moreel problematische mensen die geweld en illegaliteit verheerlijken. “Ik denk niet dat pathologiseren of spreken over ‘countersociety’ ons veel verder helpt om te begrijpen wat er aan de hand is. Met ‘countersociety’ zeg je eigenlijk: Die mensen staan los van en tegenover de mainstream-samenleving en cultuur. Ze zijn niet geïntegreerd in de samenleving en hun normen en waarden wijken af.”
Dan denk ik: Je hebt misschien niet goed gekeken naar de middenklasse. Want ook in de middenklasse stikt het van de belastingontduikers en noem maar op. Het idee van sommige onderzoekers en anderen van een super integere mainstream middenklasse-samenleving die wars is van geweld, dus heel anders dan de bloeddorstige arme mensen, klopt gewoon niet. Hardvochtige ideeën over wanneer je mensen gewelddadig mag straffen en wanneer je de wet naar je eigen hand mag zetten, zijn absoluut niet beperkt tot arme mensen in de garrisonwijken. Zulke ideeën behoren niet specifiek bij de cultuur van bepaalde wijken. In het arme Kingston Downtown en het rijkere Kingston Uptown delen mensen veel belangrijke waarden. Daarnaast is mijn hoofdpunt dat je het systeem van donmanship ook moet begrijpen door kijken naar de relaties die dons onderhouden met politici, beleidsmakers, ngo’s en het bedrijfsleven. Sensationeel taalgebruik draagt bij aan het idee dat arme mensen in een compleet andere wereld leven. Ik probeer te laten zien dat dit systeem ook blijft voortbestaan dankzij de betrokkenheid van de middenklasse.”

Paradox

Sommige onderzoekers vinden dat Jaffe te weinig aandacht besteedt aan het geweld. Jamaica kent een van de hoogste moordcijfers ter wereld. “Ik richt me niet primair op de analyse van het geweld, omdat het niet het centrale thema is van mijn onderzoek en daarbij sta ik wel bloot aan kritiek dat ik donmanship romantiseer. Ik wil niet zeggen dat die kritiek geheel onterecht is, maar anderzijds is geweld in Jamaica zeker geen onderbelicht thema. Het geweld trekt ontzettend veel aandacht, deels misschien omdat het appelleert aan bestaande ideeën over gewelddadige bewoners van arme wijken. De grote nadruk op geweld van onderzoekers, romanschrijvers en anderen geeft echter een te eenzijdig en vertekend beeld van de situatie in Jamaica. Mensen denken soms dat je geen teen in de zogeheten getto’s kunt zetten zonder dat de kogels je om de oren vliegen. Mensen in de organisatie van de don en leden van gangs zijn vaker bij geweld betrokken, maar er vallen nauwelijks willekeurige, toevallige doden. Moorden vinden vooral ’s nachts plaats bij gangconflicten óf in afgebakende korte periodes, zoals bij conflicten tussen twee dons en hun aanhang. Dan zijn mensen extra voorzichtig en gaan na het winkelen snel weer naar huis. Ik probeer het idee te nuanceren dat mensen in deze wijken in een continue staat van angst en terreur leven. Na zo’n conflict komt er weer peace, er is er geen permanente angst voor geweld, en de paradox is dat voor veel bewoners de dons ook een belangrijke vorm van veiligheid vertegenwoordigen.”

Toegankelijke rechtspraak

Zijn, met zulke machtige dons, politieke partijen nog belangrijk? “Je moet niet onderschatten dat mensen graag op een bepaalde partij willen stemmen. De opkomst bij verkiezingen is teruggelopen, en een partij wint of verliest niet omdat mensen van partij wisselen, maar omdat ze wel of niet gaan stemmen. Veel mensen zijn nog steeds loyaal PNP en zullen nooit op de JLP stemmen of omgekeerd, maar als ze in hun partij teleurgesteld zijn, blijven ze thuis. Anders dan in de jaren zestig en zeventig is er nauwelijks meer ideologische strijd, maar nog wel partijloyaliteit.”
Jaffe spreekt van juridisch pluralisme als dons in hun wijken een eigen rechtssysteem hebben ontwikkeld. Die term werd eerder gebruikt als inheemse groepen binnen hun territorium een eigen rechtssysteem hadden. In Jamaica beginnen de systemen soms een beetje in elkaar over te lopen. Jaffe noemt dit juridische hybriditeit: “Zo zijn met het oog op de wijkrechtspraak van dons officiële Restorative Justice Centres opgericht: laagdrempelige plekken voor snelle oplossingen van conflicten. Mensen hebben vaak weinig vertrouwen in de gangbare officiële rechtspraak die ze als traag, bureaucratisch, ontoegankelijk en niet-onafhankelijk ervaren. Daar zijn rijke mensen die een goede advocaat kunnen betalen in het voordeel.”
Politici zullen door hun verwevenheid met de dons problemen van hun heerschappij en het geweld niet snel aanpakken, maar zijn er organisaties die dat wel proberen? “Niet echt. Onafhankelijke burgerorganisaties als ngo’s worden vaak snel gecoöpteerd door een politieke partij. Jamaica kent geen sociale bewegingen zoals in Latijns-Amerika, die massaal de straat opgaan om een gezamenlijk probleem aan te kaarten. Er zijn wel protestacties, maar die zijn meestal heel lokaal en erop gericht het plaatselijke parlementslid aan te zetten een probleem op te lossen. Ook vakbonden komen niet op de been om geweld van dons aan te pakken.”

Corrupte politie en betrouwbare militairen

In 2010 gingen honderden mensen wél de straat op om te protesteren tegen het arrestatiebevel dat was uitgevaardigd tegen Christopher ‘Dudus’ Coke, de machtige don van de wijk Tivoli Gardens in Kingston. De Verenigde Staten hadden zijn uitlevering gevraagd wegens drugs- en wapenhandel. Pas na zware druk van de VS besloot de toenmalige premier Golding ‘Dudus’ uit te leveren. Honderden militairen en politieagenten vielen de wijk binnen om hem te arresteren, waarbij 69 burgers werden gedood. Een maand later werd ‘Dudus’ opgepakt, uitgeleverd en in de VS tot 23 jaar gevangenisstraf veroordeeld. “Er is een soort voor en na die gewapende invasie in 2010. Sindsdien is het gebruik van de noodtoestand genormaliseerd. Dat is democratisch gezien uiteindelijk erg problematisch, omdat door de speciale bevoegdheden van politie en militairen veel rechten van burgers worden geschonden. Die noodtoestand is sinds 2010 steeds verlengd, nooit nationaal maar altijd plaatselijk en vooral voor arme wijken. Onder de noodtoestand wordt vaak het leger ingezet. Het aantal soldaten is in korte tijd verdubbeld. Het leger wordt als professioneel en onpartijdig gezien, terwijl de politie lage legitimiteit geniet, als partijdig wordt beschouwd en echt corrupt is. Het is wel riskant dat militairen bij veiligheidsoperaties nauw samenwerken met de politie. Ze kunnen daardoor besmet raken, dus ook corrupt worden. Maar het vertrouwen van de bevolking in de militairen is nog ontzettend groot, ook omdat ze nooit bij een coup betrokken zijn geweest. Sinds 1962 komen militairen je redden na een orkaan en worden ze ingezet als iets echt uit de hand loopt.”

Noodtoestand

“Om die noodtoestand te verlengen is een twee derde meerderheid in het parlement nodig. De oppositie kan het blokkeren, maar koos er tot voor kort voor dat niet te doen. Het is overwegend een breed gedragen democratisch besluit en geen politiek instrument van een van de partijen. Het uitroepen van de noodtoestand is wel ingebed in democratische besluitvorming, maar het blijft een riskante aanpak. Zo’n noodtoestand is tijdelijk effectief om bepaalde dons uit te schakelen door ze bijvoorbeeld te verbannen. In de wijk waar ik onderzoek deed, werd aan de don te kennen gegeven: ‘Je moet hier weg. Als je terugkomt, heb je een heel groot probleem.’ Hij heeft eieren voor zijn geld gekozen en is afgedropen. Pacificatieacties van politie en militairen zorgen tijdelijk voor rust, maar als de don van de wijk verdwijnt – dood, gevangen of gevlucht – komt er vaak een machtsstrijd over wie de nieuwe don gaat worden. En dus weer meer geweld. Veel mensen, ik ook, hadden de hoop dat het na 2010 beter zou worden. Dat de staat correct op zou treden en de macht van de dons zou inperken door er materieel en symbolisch meer te zijn voor wijkbewoners, maar dat is niet gebeurd en misschien kan de staat dat ook niet. De positie van de dons is niet versterkt, maar heeft ook geen definitieve klap gekregen. Juist door die jarenlange vervlochtenheid biedt verwijderen van één man nog geen oplossing.”

In 2023 of 2024 verschijnt bij Duke University Press van Rivke Jaffe: Bodies of Authority: Criminal Leaders and Political Legitimacy in Urban Jamaica.

Lees ook onze recensie van Concrete Jungles. Urban Pollution and the Politics of Difference in the Caribbean (over Kingston en Willemstad) van Rivke Jaffe

Deze bijdrage is onderdeel van de Jamaica Special, november /december 2022

 

 

Foto's: Rivke Jaffe. Openingsfoto: Dirk Gillessen

Gerelateerde berichten

Democratie in precolumbiaanse steden in Mexico – Nieuwe inzichten van antropoloog Graeber en archeoloog Wengrow

Democratie in precolumbiaanse steden in Mexico – Nieuwe inzichten van antropoloog Graeber en archeoloog Wengrow

In precolumbiaans Mexico hadden sommige steden, zoals Teotihuacán en Tlaxcala, een enigszins democratisch bestuur. Dat blijkt uit archeologisch onderzoek en in het tweede geval ook uit Spaanse kronieken. Dat betogen David Graeber en David Wengrow in hun spraakmakende boek ‘Het begin van alles’, waarin ze de geschiedenis herschrijven met meer aandacht voor variëteit in ontwikkeling en menselijke keuzemogelijkheden.

Lees meer
Machu Picchu: Incaplaats heeft al meer dan honderd jaar de verkeerde naam

Machu Picchu: Incaplaats heeft al meer dan honderd jaar de verkeerde naam

Machu Picchu is een van ’s werelds bekendste archeologische vondsten, een wonder van precolumbiaanse architectuur dat al tientallen jaren nauwkeurig is bestudeerd. Maar een nieuw academisch artikel stelt dat de plaats sinds de herontdekking meer dan een eeuw geleden onder de verkeerde naam bekendstaat. Een Peruaanse historicus en een vooraanstaande Amerikaanse archeoloog beweren dat het Unesco-werelderfgoed onder de  Incabewoners bekend stond als Huayna Picchu – de naam van een piek die uitkijkt over de ruïnes – of gewoon Picchu.

Lees meer
agsdi-globe

Politiek & Maatschappij

agsdi-portrait

Kunst & Cultuur

agsdi-camera

Vrije tijd & Toerisme

agsdi-income

Economie & Ondernemen

agsdi-leaves

Milieu en Natuur

agsdi-learn

Onderzoek & Wetenschap

Blijf op de hoogte

Adverteren op onze website?

Dat kan! Tegen een scherp tarief plaatsen wij uw advertentie.

Ontvang onze nieuwsbrief

Schrijf u in en ontvang onze digitale nieuwsbrief met een overzicht van onze nieuwe artikelen.

Volg ons op social media

Wees als eerste op de hoogte van nieuwe artikelen en deel artikelen met uw netwerk.

Share This